Sensorische informatieverwerking

 

Sensorische informatieverwerking

Een specialisatie binnen de kinderfysiotherapie is de sensorische informatieverwerking.

Wat is het?

Sensorische informatieverwerking is het vermogen om informatie vanuit de wereld om ons heen in ons lichaam op te nemen, te selecteren en de verschillende informatiestukjes met elkaar te verbinden, zodat we op de juiste manier kunnen reageren.

Zintuigen

Informatie vanuit onze omgeving verzamelen via onze zintuigen; de ogen, oren, tast, spieren en gewrichten en evenwichtsorgaan. Door te kijken, luisteren, voelen en bewegen nemen we waar.

Wanneer de Sensorische informatieverwerking niet goed loopt

De signalen die we voelen en verwerken kunnen bij sommige kinderen (en ook volwassenen) te sterk of te zwak, te veel of te weinig doorkomen. Daardoor kunnen we niet goed reageren op de prikkels en klopt het antwoord niet goed met wat er verwacht wordt.

Voorbeelden:

Evenwichtsorgaan:  als het evenwichtsorgaan  te gevoelig is voor prikkels kan een kind angstig worden als het beweegt of als zijn houding veranderd.  Klimmen, lopen over wiebelige oppervlaktes, op de kop hangen of wild bewegen en stoeien kunnen dan vervelend en angstig zijn.  Het kind kan dan deze bewegingen gaan ontwijken, waardoor het probleem nog versterkt wordt.  Als de prikkels niet goed doorkomen beweegt het kind juist veel te wild. Het ziet geen gevaar en is voortdurend in beweging.

Tastorgaan:  als de prikkels te sterk doorkomen dan kan een gewone aanraking als pijn worden ervaren. Het kind wil niet vies worden en ontwijkt spelen met materiaal waar hij vies van kan worden.  Daardoor mist hij een stukje in zijn ontwikkeling wat nodig is om bijvoorbeeld tot een goede fijne motoriek te komen.  Als de prikkels niet goed doorkomen gaat het kind de prikkel soms heel erg opzoeken door te friemelen of bijvoorbeeld op dingen te kauwen.  Ook dan kan de fijne motoriek achter blijven, maar met een andere oorzaak.

Spieren en gewrichten:  als de informatie niet goed doorkomt dan voelt het kind niet waar zijn lichaam is. Kan het de bewegingen niet goed doseren en maakt het ongelukjes, door botsen, struikelen of stoten.  Soms gaat een kind dan heel veel bewegen om zijn lijf toch maar goed te kunnen voelen.

Gehoor:  als de prikkels te sterk doorkomen hoort het kind alles. Het tikken van een klok kan dan al afleidend werken.  Of hij hoort alles even sterk, zodat de belangrijke informatie van de ouder of leerkracht niet binnenkomt.  Als de prikkels niet goed doorkomen heeft een kind veel tijd nodig om een verbale opdracht te verwerken

Zien: Als de informatie te sterk doorkomt ziet een kind alle details, ook die niet belangrijk zijn. Dit kan leiden tot snel afgeleid zijn.  Als de informatie niet goed doorkomt kan de reactie te traag zijn en kan hij bijvoorbeeld een bal niet goed vangen.

Gevolgen

  • Een kind krijgt problemen met concentratie en aandacht
  • Een kind kan niet stilzitten en is overactief
  • Een kind is langzaam, sloom of teruggetrokken
  • Een kind is gevoelig voor kritiek, onvoldoende zelfvertrouwen
  • Een kind is koppig, heeft driftbuien
  • Een kind kan niet goed een idee vormen hoe hij iets moet gaan maken of doen
  • Een kind kan niet goed motorplannen, plannen van diverse handelingen achter elkaar
  • Een kind heeft moeite om voldoende alert te zijn om goed te kunnen leren op school (is overalert of onderalert)
  • Het kind kan niet goed meekomen met gym, buitenspel en sport
  • Eet – en drinkproblemen door overgevoeligheid in het mondgebied
  • zindelijkheidsproblemen

Wat kan je er aan doen?

Een kinderfysiotherapeut die gespecialiseerd is in sensorische informatieverwerking kan middels onderzoek een beeld krijgen hoe het werkt met de sensorische informatieverwerking van het kind.

Dit gebeurt vaak via het maken van een Sensorisch Profiel.  Hierbij kunnen ouders en eventueel  ook school vragenlijsten invullen, waardoor er een goed beeld ontstaat van het profiel van een kind.

Eventueel kunnen er ook nog extra dingen onderzocht worden om een beeld te krijgen van de informatieverwerking vanuit tastzintuigen, spieren en gewrichten.

De therapie kan bestaan uit adviezen voor thuis en voor school; een zogenaamd zintuiglijk dieet, waardoor de prikkels beter verwerkt kunnen worden. Dat zorg ervoor dat een kind beter gaat functioneren.  Bij bepaalde zintuiglijke informatieverwerkingsproblemen kunnen er ook behandelingen worden gegeven, bijvoorbeeld overgevoeligheid of ondergevoeligheid vanuit tast en evenwicht en problemen met de motorplanning/praxis.

Voor meer informatie over sensorische informatieverwerking verwijzen we naar de website van de NSSI; www.nssi.nl

Neem contact op